terug naar Watersnood

 

 

Wat cijfers

IJssel- en Lekstreek      woensdag 13 januari 1993  pagina 7

Op zondagmorgen 1 februari 1953 werd in de Julianasluis in Gouda een waterpeil afgelezen van 3.75 meter boven NAP. De hoogste stand tot dat moment bekend, was die van 13 januari 1916 (ook toen braken de dijken langs onze rivier op diverse plaatsen) en dat was 3.34 meter. De Ketensedijk was 3.64 meter hoog, er was dus een waakhoogte van slechts 30 centimeter. Dat dat veel te weinig was, bleek in de rampnacht. Toen moest een stuk dijk over een lengte van 500 tot 600 meter worden opgehoogd met zandzakken en dergelijke.
In Krimpen aan den IJssel was het niet veel beter. Weliswaar brak de IJsseldijk daar niet door, maar het hoge water stroomde ook daar op diverse plaatsen gewoon over de dijk.
In Ouderkerk eiste de ramp twee slachtoffers, daar begon het water omstreeks vier uur over de dijk te stromen, die na de watersnood van januari 1916 met 1.20 meter was opgehoogd. Bekistingen met pakken stro, planken, bouwmateriaal en zandzakken werden op de dijk gestapeld, maar konden niet voorkomen dat de binnenzijde van de dijk afbrokkelde, er grondverschuivingen en instortingen plaatsvonden.

Met name op het dijkvak Dorpsstraat tot aan de Geref.Kerk. Daar was omstreeks half vijf sprake van een echte doorbraak. Het achter de kerk staande huis, bewoond door de heer Rijkaart en zijn zuster, werd totaal weggevaagd. Later is het lijk van de zuster teruggevonden in de polder. Er was een gat van 40 meter ontstaan, pal naast de kerk, die als een rots in de branding bleef staan.
Ook hier werden de harde werkers op de dijk in de loop van zondag bijgestaan door militairen. Om een uur of twee die middag brachten twee sterke sleepboten vanuit Rotterdam een 250 ton sloopschip en manouvreerden dat voor het gat, waarna het tot zinken werd gebracht. Omstreeks vier uur stak de dam in het dijkgat enkele centimeters boven het water uit. Het zand in de buurt raakte op en toen brachten de militairen met hun zware drietonners uitkomst. Achteruitrijdend, terwijl aan de ene kant grote schuimkoppen over de dijk sloegen en aan de andere kant het wegdek onder hun wielen afbrokkelde, reden de militaire chauffeurs met ware heldenmoed naar het gat.