|
|
terug naar onderwerpen Nieuwsbrieven |
uit Nieuwsbrieven |
´fundamenten van molens´
|
Archeologie aan de Lijsterstraat. Zoals u weet en mogelijk ook wel gezien heeft zijn de bejaardenwoningen langs de Lijsterstraat gesloopt. De gemeente heeft een nieuw plan voor het gebied laten ontwikkelen waarin een drietal blokken met appartementen een plaats krijgen. De achterzijden ervan komen aan de Lijsterstraat en aan de voorkant zal het water van de (verbrede) Molenvliet er tegenaan ”kabbelen”. Nu wil het geval, dat precies binnen het plangebied de twee molens hebben gestaan, die de polder Kortland droog hielden totdat het gemaal met een stoomcentrifugaalpomp die taak in 1883 overnam. Nu de kans zich voordeed wilden wij wel (laten) onderzoeken of er mogelijk nog funderingsresten van deze molens te vinden waren waarmee tevens de veronderstelde posities van die molens bevestigd zouden kunnen worden. Omdat in de plannen aanvankelijk geen archeologisch onderzoek was opgenomen heeft de HKK per brief aan de gemeente verzocht een dergelijk onderzoek wel te laten doen. Dat verzoek heeft tot gevolg gehad dat er in juli 2010 onderzoek is gedaan met het (minimale) doel te bevestigen dat de twee molens op de veronderstelde plaatsen hebben gestaan. Die posities waren door vergelijkingen van oude met nieuwere kaarten zo nauwkeurig mogelijk bepaald (zie het HKK-boekje “Molens in Krimpen aan den IJssel” uit 2007, p. 9-12). Het onderzoek is verricht door het Onderzoeks- en adviesbureau voor Bouwhistorie, Archeologie, Architectuur- en Cultuurhistorie (BAAC bv), met vestigingen in ’s-Hertogenbosch en Deventer.
Uit het concept-rapport van BAAC over dit onderzoek blijkt, dat er geen intacte gemetselde funderingsresten zijn gevonden. Op de plaats van de hoge molen of bovenmolen (dicht bij de Noorderstraat) vond men veel puin; een opeenhoping van ijsselsteentjes, waaruit blijkt, dat het metselwerk grondig kapotgeslagen is. Op de plaats van de lage molen, de oudste van de twee molens, werden vrijwel geen stenen gevonden. In mijn boekje ging ik nog uit van twee wipwatermolens, maar uit onderhoudscontracten in het archief van het Hoogheemraadschap is intussen gebleken, dat dit voor de lage molen wel klopt, maar de hoge molen was een achtkante bovenkruier, die duidelijk groter was. De lage molen (het dichtst bij de pastorie) was de oudste van de twee en was waarschijnlijk vrijwel volledig van hout. Van later toegevoegde hoge molen was de fundering vrij zeker gemetseld. Dat is in overeenstemming met de vondsten van respectievelijk weinig en veel stenen. Over de posities van de molens nog het volgende: de resten van de hoge molen werden gevonden op de verwachte plaats, maar de lage molen bleek iets dichter bij de pastorie te hebben gestaan dan door mij was aangegeven op figuur 5 van het molenboekje. Het is niet te verwachten, dat de belangrijkste conclusies in het definitieve BAAC-rapport veel zullen afwijken van die in het concept-rapport, zodat ik mij vrij voelde er hier alvast iets over te zeggen. De conclusie van BAAC was: Er stonden twee molens in het gebied van het Lijsterstraatproject. (Jan Bus)
|
|
NIEUWSBRIEF maart 2011 |