|
Naar uit de Klinker |
overgenomen uit de KLINKER nr 2, blz 12 -13 / april 2010 |

Woonoord De Schattenberg waar veel Molukkers na aankomst in Nederland werden ondergebracht
|
In de Krimpense geschiedenis nemen sinds 1960 Molukse gezinnen een belangrijke plaats in. Eerst werden ze natuurlijk wat nieuwsgierig bekeken en besproken. Soms was men zelfs jaloers op hun toen heel moderne woningen. Gesitueerd in een aparte ‘Ambonezenwijk’ buiten de rand van de toenmalige bebouwing. Later werden het vriendjes op school. Collega’s op het werk, maar ook ouderen die meer moeite hadden met hun nieuwe woonsituatie. Langzaam groeide alles meer samen, werd het wijkje de ‘Molukkenwijk’ en nu is het voor de meeste bewoners al bijna Oud-Krimpen. De voorgeschiedenis in het kort In de tweede wereldoorlog werd ons toenmalig Nederlands-Indië overheerst door de Japanners. Nederland wilde daarna de vroegere toestanden weer herstellen, maar werd daarin gedwarsboomd door de inheemse bevolking die, onder leiding van Soekarno, zelfstandigheid eiste. In opdracht van de Nederlandse regering werd door het Koninklijk Nederlands Indisch leger (KNIL) ongeveer vier jaar heftig gevochten om het verlies van deze kolonie te voorkomen. Ook veel Krimpense jonge mensen vochten daarin mee. Maar dit alles zonder resultaat. Op 27 december 1949 werden de Verenigde Staten van Indonesië door Nederland erkend. Al snel vormde Soekarno deze Verenigde Staten om tot de Republiek Indonesië. En dat vonden niet alle vroegere staten leuk. Verschillende trachtten zich ook weer te ver-
|
zelfstandigen. En zo werd op 25 april 1950 de Republik Maluku Selatan (RMS, de republiek der Zuid-Molukken) opgericht. Ook dat gaf weer veel oorlog en spanning. De mannen van het KNIL, waaronder als een soort elite korps de Zuid-Molukkers, werden door de bevolking beschouwd als handlangers van Nederland. Ongewenst dus en, met hun gezinnen, ernstig in gevaar.
Op deze luchtfoto is duidelijk te zien dat het 'Ambonezenwijkje' buiten de voormalige bebouwing werd gesticht. Bovenin de IJssel. Links boven de Prinsesseflats. Rechts net boven de rotonde Aalberslaan/ Nieuwe Tiendweg de contouren van het bouwplan.
|
|
Naar Nederland Als ‘tijdelijke’ oplossing werden ze, na een periode in kampen op Java, in 1951 met troepentransportschepen naar Nederland gebracht. Zo arriveerden ongeveer 4000 Molukse KNIL-militairen met hun gezinnen in het na-oorlogse Nederland met z’n enorme woningnood. Omdat het toch maar om een tijdelijke zaak ging werden deze circa 12.650 mensen ondergebracht in woonoorden. De grootste daarvan waren de snel bewoonbaar gemaakte vroegere kampen in Vught en Westerbork ( voortaan de Schattenberg geheten). De voor ons meest bekende was uiteraard ‘IJsseloord’ in Capelle aan den IJssel, dat in 1958 werd betrokken. Eind van de 50’ger jaren werd wel duidelijk dat van terugkeer voorlopig geen sprake zou zijn. Er werd besloten tot het bouwen van woonwijkjes, verspreid over heel Nederland. Een nieuwe woonwijk in Krimpen In 1960 werd onze gemeenteraad gemeld dat door de Rijksdienst Domeinen in Krimpen aan den IJssel een woonwijkje met 53 huizen en een kerkje zou worden gebouwd. Het werd gepand buiten de toenmalige rand van de bebouwing, maar was al snel omringd door andere woningen. In 1962 kwamen zo 58 gezinnen in bussen naar Krimpen. Ze kwamen vooral uit het hiervoor genoemde De Schattenberg. Het beetje huisraad dat de mensen inmiddels verzameld hadden werd met vrachtauto’s aangevoerd. En voor het overige kreeg men een bedrag voor de inrichting ter beschikking. De huren in de ‘Ambonezenwijk’ waren in verhouding wat lager dan de Krimpenaren betaalden. Begrijpelijk dus dat men met enige nieuwsgierigheid en, soms veel, jaloezie naar deze mooie woningen en hun bewoners keek. Nog begrijpelijker als u bedenkt dat van de ongeveer 11000 inwoners in deze tijd nog bijna 800 gezinnen waren ingeschreven voor een andere woning. Nieuwe bewoners in Krimpen Het moet voor deze nieuwkomers heel vreemd zijn geweest om tussen al die Krimpenaren te komen wonen. Veel meer vrijheid dan in de toch wat gesloten kampgemeenschap. Een heel andere culturele achtergrond. Veel meer onderlinge verbondenheid. En dan die weersgesteldheid en temperaturen! Ze waren, soms generaties lang, militair geweest. Veelal in het kamp al wat omgeschoold, maar toch moesten ze hier hun draai maar proberen te vinden. En dat was vooral voor senioren heel moeilijk. Leefden ze aanvankelijk nogal apart van hun dorpsgenoten, dan kwam daar toch al snel verandering in. Ook letterlijk. Want het wijkje werd omringd door woningen en flatgebouwen, door buren dus. De kinderen werden via de scholen al heel snel in de gemeenschap opgenomen. De ouderen via werk, sport verenigingen, winkels en zo meer.
|
![]() In 1962 ging onder veel belangstelling de vlag in top in de wijk
De huidige Molukkenwijk in Krimpen aan den IJssel
Inmiddels zijn er zo’n zestig jaar verstreken. De huidige Molukkers zijn echte Krimpenaren geworden. Ze volgen natuurlijk nog steeds nauwgezet de gang van zaken op hun eilandengroep. De families die daar wonen kunnen nog altijd op hun steun rekenen. Na zestig jaar De mensen in het woonwijkje zagen, met ons, Krimpen veranderen. Maar ook hun wijkje en de directe omgeving. Het medisch centrum gaat hier weg. Aan de rand wordt hard aan nieuwbouw langs de Nieuwe Tiendweg en de Nieuwe Vliet gewerkt. De woningen worden oud, de kerk raakt vervallen, de wijk kent enige vergrijzing. Kortom, ook hier is één of andere vorm van aanpak nodig. Er is al geruime tijd overleg tussen de gemeente, bewoners en QuaWonen om tot een gezamenlijk plan te komen. over het resultaat is nog weinig concreets te melden. Maar zeker is dat ook dit deel van Krimpen voor haar bewoners en ons aantrekkelijk moet blijven.
Cees Loeve
|