|
"Oeverloos" was een overkoepelende naam voor een aantal exposities van amateur kunstenaars langs de Hollandsche IJssel die in juli 2001 werd gehouden. Het kunstgebouw, een stichting voor kunst en cultuur in Zuid Holland en draaiend met geld van de provincie, organiseerde deze expositie als onderdeel van het grote kunst amateur project "Verandering van Water". |
|
Ter gelegenheid hiervan werden er ter hoogte van IJsseldijk 119 en de huidige picknickplaats aldaar, diverse historische foto's tentoongesteld met daarbij bordjes met tekst en uitleg. Helaas werden deze al snel beklad en vernield, maar gelukkig had de HKK fotograaf, geinteresseerd geraakt door dit alles, toen al zijn foto's gemaakt. De tekst op de bordjes komt in zijn geheel voor rekening van Roel de Hoop, een oud Krimpenaar die ooit vlakbij deze lokatie is geboren en met een scherp oog op alle veranderingen onderstaand verhaal schreef over dit stukje IJsseldijk aan de Hollandsche IJssel |

|
|
Een stukje historie De huidige gemeente Krimpen aan den IJssel bestaat pas sinds 1859. Oorspronkelijk behoorde het tot Ouderkerk aan den IJssel en was de Stormpolder een zelfstandige gemeente, terwijl Krimpen aan de Lek reeds bestond. De naam "Crempene" komt reeds voor in 1064, waarschijnlijk ter aanduiding van een kromme waterloop. De oudste oorkonde waarin Krimpen aan den IJssel als aparte ambachtsheerlijkheid wordt genoemd, dateert van 1277. Het gebied bestond uit 2 afzonderlijke polders Langeland en Korteland. Later werd hier de Stormpolder nog aan toegevoegd, de nieuwe gemeente die zo ontstond telde nog geen 1700 inwoners. Krimpen werd in de 19e eeuw in de volksmond Tingenijssel genoemd. Volgen we de Hollandsche IJssel vanaf de Ouderkerkse watertoren (de grens met Krimpen), dan bevinden we ons eerst in het "Boveneind" (= het bovenste gedeelte van de rivier), dit in tegenstelling tot " 't Enge" (= een verbastering voor het einde van de rivier), waarmee de dorpskern rond het oude pontveer wordt bedoeld. Vroeger was het aldus: je woonde of op "Krimpen" (Krimpen aan de Lek) of "Op den IJssel" (=Krimpen aan den IJssel), maar dan kon je nog wonen in 't Enge, Bovenend of in de polder (= Stormpolder). Een andere naam voor 't Enge was de "beurs", als gevolg van het feit dat jongens en meisjes, daar in het weekend contact zochten. Dit leidde natuurlijk ook tot de nodige vechtpartijen. En aangezien het wapen van Krimpen 3 wassende manen (naar de 3 polders) bevatte, was de logische bij- of scheldnaam van de Krimpenaren vanzelfsprekend de Tengense Turken. De Ouderkerkers bijv. heetten de Ouderkerkse klokkendieven. |
 |  | Hollandsche IJssel ter hoogte van IJsseldijk 119 en de picknick plaats. Foto links: A.T. de Vreede - juli 2001 |
|
De foto: Vanaf de Ouderkerkse watertoren passert men eerst het buurtschap de Breekade met o.a. het gemaal van Reinier Blok. Kijken we van hieruit naar de grote IJsselbocht, dan zien we links tussen de bomen de woningen en daarachter de rietmattenmakerij van de gebroeders Van Walsum. Ook de aanlegsteiger van de Goudse boot is te zien, de boot is juist richting Krimpen afgevaren. In het grote huis midden op de foto woonde Fop Mijnlieff, beheerder van de verderop gelegen steenfabriek op steenplaats "Het Zandrak". Later werd het huis bewoond door ds. Loen. De woningen staan er, zoals U ziet, nu nog. | |
De anekdote van de "mattenschuur" Aangezien rietmatten zeer brandbaar zijn, gebeurde het nogal eens dat er brand uitbrak in of bij de rietmattenmakerij. Die in het Boveneind had door de jaren heen een zekere faam opgebouwd. Immers in die tijd was een brand een hoogst aantrekkelijk schouwspel, waarbij men aanwezig diende te zijn. Als in 't Enge de sirene ging en de brandweer zich richting Boveneind spoedde, nou dan wist men het wel. Zo ook op een winterse zondagmiddag begin jaren '50, toen de "mattenschuur" reeds lang was vervangen door een schuur waarin een klein bedrijfje huisde. De eigenaar wilde daar persoonlijk enige werkzaamheden verrichten en stookte daarom de kachel stevig op, met de onvermijdelijke rook tengevolge. In de "godvrezende" Krimpenerwaard was zoiets op zondagmiddag natuurlijk onmogelijk,dus iemand in de buurt van de "mattenschuur" was zo attent de brandweer te bellen. U kunt zich het senario voorstellen: een grote schare Krimpenaren sprong op de fiets met een verwachtingsvolle blik in de ogen en vertrok met grote snelheid richting Bovenend; om vervolgens tot hun grote verbijstering te constateren dat er een rookpluimpje uit de voormalige "mattenschuur" kwam. En om tenslotte zwaar teleurgesteld op uiterst trage wijze af te druipen naar huis. Want als in Krimpen de sirene ging............. |
 |
De foto: De woningen van de gebroeders Van Walsum van de rivier af gezien. Links woonde "Ariebaas" en rechts "Klaasbaas". Geheel rechts is een deel van de rietmattenmakerij te zien. Deze rietmattenmakerijen waren vaak eigendom van de steenbakkers, die de rietmatten nodig hadden om hun nog ongebakken IJsselstenen tegen extreme weersinvloeden te beschermen. |
|
In de zomer werkte men op de steenplaatsen, in de winter op de rietmattenmakerijen. En zo spoorde welbegrepen eigenbelang van ondernemers met dat van hun werkvolk, dat vaak uit vrouwen en kinderen bestond. Slecht betaalde vrouwen- en kinderarbeid kwamen in deze bedrijfstak dan ook veelvuldig voor. | |
Nog een beetje historie Krimpen heeft nooit een echte dorpskern gekend, alleen de Veerdam bij het pontveer van De Ruit naar Capelle, kwam daar min of meer voor in aanmerking, Krimpen was een schoolvoorbeeld van lintbebouwing langs de IJsseldijk en Lekdijk. Kerkelijk viel Krimpen en Stormpolder onder de Hervormde Gemeente van Ouderkerk aan den IJssel m.a.w. trouwe kerkgangers hebben zich dus eeuwenlang heel wat moeite moeten getroosten om de diensten in Ouderkerk bij te wonen. Pas in 1866 werd in Krimpen de Nederlands Hervormde kerk gebouwd op een nogal vreemde maar achteraf begrijpelijke plaats nl. halverwege 't Enge en Ouderkerk. Oorspronkelijk had Krimpen een landelijk karakter, achter de IJsseldijk lagen de boerderijen, de een stijf tegen de dijk aanliggend, de ander iets dieper in de polder met soms een piepklein huisje voor de boerenknecht en zijn gezin. Aan het begin van de 1e Wereldoorlog, 1914, waren er nog ruim 45 boerderijen in Krmpen; in de Stormpolder was er zelfs een landbouwer. In de loop van de 20e eeuw kon door de oprukkende industrie (vooral de scheepsbouw) en de toenemende bebouwing, de veeteelt zich niet meer handhaven. Ook de IJsselstenen moesten het afleggen tegen de dikkere en goedkopere Waalstenen. Ook ging de kwaliteit van het kleislib erg achteruit door de verontreinigingen die toen al door lozingen van schepen en nieuwe industrieen werden veroorzaakt.Dit was dus reeds de voorbode van de latere ernstige verontreinigingen! | |
De foto: Het grote huis is weer van steenbakker Fop Mijnlieff en later ds. Loen. Het huis is omhooggebracht en geheel gerestaureerd. Jammer is het, dat men ook hier tol moest betalen aan de steeds maar uitbreidende bebouwing. Wegaanleg is er de oorzaak van dat er van de grote bosachtige tuin achter het huis niet veel meer is overgebleven. Ook de bomen links zijn verdwenen zoals op veel plaatsen langs de IJsseldijk. In de boerderij rechts woonde Jan van Dam, 's morgens was hij groenteboer en 's middags werkte hij op de "mattenschuur", links nog net zichtbaar op de foto. |
|
Links van het grote huis is het dak van de Wilhelminahoeve nog juist zichtbaar, deze kreeg zoals zovele boerderijen in de loop van de tijd een andere bestemming. Deze fungeerde eind vorige eeuw als jeugdsoos onder de welluidende naam "Roepie Groepie", later werd ook deze door een brand geteisterd en viel het geheel ten prooi aan de woningbouw. |

|
|
Is de Hollandsche IJssel de Hollandsche IJssel nog wel? Tegenover de plek waar U nu (= picknickplaats ter hoogte van IJsseldijk 119) staat, stond eens de Wilhelminahoeve. Als U bedenkt dat deze foto door mij genomen is begin jaren '60, toen er nog ca. 20 boerderijen in Krimpen stonden, terwijl er nu geen enkele boerderij nog als boerderij functioneert, dan zegt dat veel over de ontwikkelingen in Krimpen gedurende de vorige eeuw.Door de economische "vooruitgang" is Krimpen aan den IJssel compleet volgebouwd! |
|

|
Buitendijks zou je kunnen zeggen dat de vervuilers voor een groot deel zijn verdwenen en dat er schone huizen voor in de plaats zijn gekomen. Men zou van een verbetering kunnen spreken, ware het niet dat ook hier het karakter totaal gewijzigd is.
Concluderend zou je het ook zo kunnen zeggen: de gore vervuiling is "schone" vervuiling geworden. |
Met dank aan Roel de Hoop (November 2001) |
|